Zo reken ik af met mijn uitstelgedrag

7 januari 2020

Karen, stop met uitstellen!
Leestijd: 1 minuut

Er zijn van die klusjes waar ik dus geen zin in heb. Het liefste schuif ik die zo ver mogelijk voor me uit. Tot het niet meer de vraag is wanneer ik het ga doen, maar de enige mogelijkheid nog nú is.

Dat is een manier natuurlijk, maar ik hik er de hele tijd tegenaan. Niet alleen dat gevoel is vervelend, maar ik vind ook dat ik geen ruggengraat heb. Misschien is dat gevoel nog wel erger.
In het weekend kan ik hardlopen de hele dag uitstellen tot ik op zondag om half 5 echt moet gaan, anders is het donker. Ik baal daarvan. Of liever gezegd: van mezelf.

Die ruimte om uit te stellen, heb ik doordeweeks niet. Op 2 dagen brengt Dominique Anouk en Sebas naar school en kan ik vóór het werk dus lopen. Niet uitstellen, want dan kan ik niet werken.
Ha, en dat werkt!
Ook als het regent, koud is of ik gewoon geen zin heb… ik moet nú. En eenmaal rennend, kom ik in ‘the flow’ en gaat het vanzelf.
Het fijne is, ik geniet de hele dag van mijn sportieve ‘prestatie’ (laat me maar in die waan).

Tijdens het lopen krijg ik geweldige blogideeën (vind ik zelf) en wat is er dan makkelijker dan ze bij thuiskomst meteen zwetend op te schrijven en een blog te maken? Het gaat dan vanzelf. Pak het moment waarop het je de minste moeite kost, zodat je én niet vergeet te bloggen én het efficiënt aanpakt.

Om te voorkomen dat ik rotklusjes blijf uitstellen, moet ik er van mezelf tegenwoordig een half uur ’s ochtends aan werken. En ik merk: als het half uur voorbij is, ben ik zo lekker bezig dat ik het net zo goed even kan afmaken. Dan voel ik me toch trots!
Laat me ook gerust in deze waan. Er zijn nog zoveel momenten waarop mijn ruggengraat ver te zoeken is…